België - Duitsland - Oostenrijk - Hongarije - Servië - Bulgarije - Turkije - Iran - Turkmenistan - Uzbekistan - Tajikistan - Kirgizië - China - Vietnam - Cambodja - Laos - Thailand - ...

vrijdag 19 februari 2016

2016-02-20 Vindingrijkheid en toevallige ontdekkingen.

Zo te zien wordt er in Laos veel nieuw gebouwd, huizen, tempels en zelfs guesthouses, allemaal gemaakt met degelijk materiaal. Als afwerking krijgen de tempels een goudkleurtje en de huizen zeer frisse en opvallende kleuren. Daarnaast zijn er ook nog heel wat dorpen van paalhutten.
Tegen de avond gaan we nog een wandelingetje maken, en zijn we getuige van een drakendans.

Drakendans.

Als je zo lang op reis bent wordt je ook vindingrijk of ontdek je toevallig nieuwe handigheden :
  • Onze schoenen ruiken niet meer al te fris, ondanks herhaaldelijk wassen, en als we ze niet ergens buiten kunnen zetten hangen we ze aan een riem aan de buitenkant van het raam.
  • We hebben een nieuw systeem gevonden voor onze klamboe, met onze drie tentstokken maken we een soort van piramide waar we hem kunnen aan ophangen.
  • We hebben ontdekt dat onze metalen drinkbussen zo goed isoleren dat we er makkelijk gedurende 12 uur ijsblokjes in kunnen bewaren.

2016-02-19 Muziek om van te genieten.

Zowat elke dag komen we andere fietsers tegen langs de weg. Vandaag zagen we een jong koppel uit Canada, en een koppeltje uit Nieuw-Zeeland op fietstocht voor een maand.
Langs de weg krijgen we geregeld Laotiaanse muziek te horen die klinkt als Latijns Amerikaans met een ritme dat een beetje salsa-achtig is. Het is heerlijk opgewekte muziek die aanzet tot dansen. 

Er wordt ook veel bier gedronken van het merk ‘Beerlao’, in flessen van 640ml, ideale inhoud voor 2 personen. Overal zie je de opvallende stapels gele bierbakken staan. Naast bier wordt er ook veel ‘Low Low’ gedronken, een soort whisky gemaakt op basis van rijst en nóg goedkoper dan bier, kost ongeveer 1$ per liter. Wij lusten het ook wel, maar dan aangelengd met fruitsap of een of andere prikhoudende frisdrank én ijsblokjes. De meesten hebben een koelkast maar toch worden er nog veel ijsblokjes verkocht, en wij hebben er stilaan een goede neus voor gekregen om te weten waar we ze kunnen vinden. 
In Laos is het terug makkelijker dan in Cambodja om een eethuisje te vinden langs de weg.

BBQ langs de weg.

Machine om ijsblokjes te maken.


woensdag 17 februari 2016

2016-02-18 Hebben we de bandenprikker gevonden?

We zijn niet de enige fietsers die in het hotel logeren, er zijn nog drie mannen uit Thailand en een Zwitser. Het ontbijt wordt geserveerd vanaf 6 uur. De eersten die staan aan te schuiven aan het buffet zijn de fietsers, want die willen natuurlijk zo vroeg mogelijk in de ochtend weer op de fiets zitten wanneer het nog niet te warm is, ook al is dat relatief, want ’s nachts daalt de temperatuur hoogstens tot 25°C.
Onderweg krijg ik weer af te rekenen met een langzaam leeglopende achterband, en zie me verplicht om weer een andere binnenband te steken. Wanneer ik voor de zoveelste keer de buitenband controleer, vind ik dan toch een zéér minuscuul klein metalen splinstertje. Maar  toch plaats ik voor de zekerheid ook een nieuwe buitenband.
Het landschap wordt steeds mooier. Soms zeer dorre lege rijstvelden afgewisseld met mooi groene velden die onder water staan. Dat laatste is alleen maar mogelijk wanneer er een rivier in de buurt is waar men water kan uit pompen. Voor velden waar dat niet kan, moet men wachten op het regenseizoen. De bergen op de achtergrond zorgen mee voor het mooie decor. Het is nu definitief afgelopen met vlak fietsen.


Het dorre landschap.

Mini canyons.

We hebben nog geen idee waarvoor dit moet dienen.



2016-02-17 Met spijt in het hart.

Het is met een dubbel gevoel dat we afscheid nemen van Tat Lo. Het is een zalige plaats om te blijven hangen, maar we weten van onszelf dat een ganse dag niks doen, niets voor ons is.
We leren weer een nieuwe plant kennen, de maniokwortel of cassave, die in deze regio veel gekweekt wordt. Het droog seizoen is de ideale periode om de maniokwortel uit de grond te halen, waarna hij in stukjes wordt gekapt met een kapmes of machinaal, om daarna te drogen in de zon. Gemalen maniok wordt onder andere gebruikt voor het maken van rijstpapier, voor de populaire springrolls, die ook hier geserveerd worden.
Na de rondrit langs het Bolaven Plateau komen we weer in het stadje Pakse, en we gaan terug naar het hotel waar we vorige keer logeerden, ondanks dat er toen problemen waren met de airco en wifi. Maar het was het uitstekende ontbijtbuffet dat de doorslag heeft gegeven.


Verwerking van maniokwortels.

dinsdag 16 februari 2016

2016-02-16 Zijn we niet per ongeluk in Afrika beland ?

De plaatsnamen in Laos kunnen zeer verwarrend zijn door het gebruik van verschillende namen. Het plaatsje waar we verblijven wordt door iedereen ‘Tat Lo’ genoemd naar een gelijknamige waterval maar de echte naam is ‘Ban Saen Vang’ en dan is de waterval het dichts bij het dorp niet ‘Tat Lo’ maar ‘Tat Hang’.
Na het ontbijt trekken we onze slippers aan voor een korte wandeling naar ‘Tadlo lodge’ om de olifanten te zien waar je als toerist een uurtje mee op stap kan, maar wij gaan ze enkel fotograferen. Wanneer we daar komen zien we dat het nog maar een 350 meter naar de waterval ‘Tat Lo’ is en 3km tot ‘Tat Soung’. We besluiten dan maar om verder te stappen en ze beiden te doen. Tat Soung zou met een val van 50 meter de meest indrukwekkendste zijn, maar van een waterval kan je nog moeilijk spreken want er komt nog amper een straaltje water naar beneden en dat heeft vooral te maken met de waterkrachtcentrale die men vlakbij heeft gebouwd. Aan de voet van de waterval ligt een ‘Etnic minority village’.  Het dorp is gebouwd in een cirkel rond de ceremonie hut, de inwoners zijn zo donker van huidskleur dat je je ergens in Afrika waant. Ze houden er ook primitieve rituelen op na. In maart worden er op rituele wijze meerdere buffels geslacht, nadat de mannen van het dorp met houten maskers hun rituele dans rond hen hebben gedaan. Het vlees wordt daarna verdeeld onder de bewoners van het dorp.


Tat Hang waterval.

Tat Lo waterval.

Tat Soung waterval.

Ceremonie hut.




zondag 14 februari 2016

2016-02-15 Koffieplantages en watervallen.

Het profiel van de etappe van vandaag is zowat het spiegelbeeld van deze van gisteren: 65km bergaf, we moeten amper nog bijtrappen. Onderweg komen we een jonge Franse fietser tegen die al twee jaar op trektocht is en nog een jaar te goed heeft. Hij heeft gisteren dezelfde klim als wij naar het plateau gemaakt, en heeft ook afgezien van de warmte, in die mate zelfs dat hij halverwege moest stoppen voor een middagdut en pas in de late namiddag verder fietste. Volgens hem was het 50°C, maar dat is naar ons aanvoelen minstens 10° te veel. Toch moeten we misschien ons idee bijsturen dat MJ niet tegen de warmte kan, maar dat het normaal is, en eerder ik het ben die gewoon heel goed overweg kan met de hitte.
Het klimaat op het Bolaven plateau is ideaal voor het kweken van koffie, ook wel eens de champagne van koffie genoemd. Grote plantages zijn we nog niet gepasseerd, eerder kleinere plantages naast bescheiden huisjes. We fietsen dan ook maar een deel van het Bolaven plateau.
In Tat Lo komen we terecht in een guesthouse dat gelegen is vlak aan een rivier met prachtig zicht op de watervallen en een balkon waar het heerlijk zitten is. We hebben meteen het gevoel dat dit de ideale plaats is om een rustdag in te lassen.


 Koffiebonen drogen.

Koffieboom.

De omgeving rond de Tat Lo watervallen.


2016-02-14 Geen 'Hello' maar 'Sabaidee'.

Op Valentijnsdag  zijn er waarschijnlijk velen die ontbijt op bed krijgen. Wij doen dit hier alle dagen, althans toch aan de rand van het bed, behalve vandaag omdat we nog eens in een hotel logeren waar een ontbijtbuffet inbegrepen is in de prijs.
Voor ons hotel komen we Raymond nog eens tegen, een Amerikaanse fietser die we de afgelopen 12 dagen geregeld hebben ontmoet . Vanaf Siem Reap fietste hij hetzelfde traject als wij, maar nu zullen onze wegen waarschijnlijk definitief scheiden, want Raymond fietst vandaag verder noordwaarts richting Vientiane, terwijl wij het oostwaarts hogerop gaan zoeken op het Bolaven Plateau. We mogen er nog eens stevig invliegen, want gedurende 52km is het zo goed als constant bergop, en moeten we een hoogteverschil van 1350 meter maken. Op zich is dat niet zo’n zware onderneming, maar in combinatie met het warme weer, is het toch geen eenvoudige klus, vooral dan voor MJ die naar het einde toe steeds sneller aan een korte rustpauze toe is.
Ook in Laos zien we weer kinderen langs de weg die ons toewuiven, al is het iets minder uitbundig dan in Cambodja. Ze roepen nu niet ‘Hello’ maar het Laotiaanse woord ‘Sabaidee’. 


Verkoopster langs de weg.

Het maken van kapmessen.

In volle inspanning.


vrijdag 12 februari 2016

2016-02-13 Het verschil zit hem in de 'Plus'.

Vanochtend had ik weer een lekke band. We hebben de laatste tijd wel veel lekke banden, iets waar we in al onze vorige trektochten maar zeer zelden last van hadden, maar hier is een goede verklaring voor. Vroeger reden we altijd op ‘Schwalbe Marathon Plus’ buitenbanden, een type waarvan de fabrikant terecht zegt dat ze ‘onplatbaar zijn omdat ze een extra dikke beschermlaag hebben. Dit jaar hebben we reservebanden mee van ‘Schwalbe Marathon Mondial’ omdat  deze opgerold kunnen worden en makkelijker mee te nemen zijn maar helaas niet zo lekbestendig. We hebben vandaag wel voldoende tijd om nog eens een andere lekke band te herstellen want het wordt een korte rit van amper 48km tot Pakse maar het terrein wordt wel steeds heuvelachtiger.
Voor de afwisseling nemen we eens vrede met een relatief duurder hotel (+/-20$ voor een kamer inclusief ontbijt) om dan te moeten vaststellen dat het internet niet functioneert en de airco al evenmin. Dat het internet van het hotel niet werkt is geen probleem want er is nog een vrij toegankelijke WiFi van de buren, maar zonder airco of ventilator is het op de kamer niet te keren. Ik ga enkele keren aan de receptie vragen of ze er iets willen aan doen, en pas als ik me enigszins boos begin te maken mogen we verhuizen naar een andere kamer.


Een vrachtwagenbus.

2016-02-12 Theravada Boeddhisme.

Tijdens ons ontbijt zijn we getuige van een hele ceremonie : monniken die eten en drinken ontvangen van het restaurantpersoneel aan de overkant van ons guesthouse. Meer dan de helft van de Laotianen hebben als geloof het ‘Theravada Boeddhisme’. Elke man brengt minstens 15 dagen van zijn leven door als monnik, meestal na het beëindigen van zijn studie, en voor hij begint met werken of huwt. Op deze manier verdient hij al aflaten voor zijn familie. Elke ochtend gaan al die monniken op stap om eten en drinken te ontvangen van de mensen, die op die manier ook hopen op een beter leven na hun wedergeboorte.
Omdat mijn achterband stillaan leegloopt, wil ik hem enkele keren laten oppompen aan een herstelplaats voor bromfietsbanden, maar iets wat in Vietnam en Cambodja nooit een probleem was, kan of wil men hier niet doen, of ze verwijzen me door naar een concurrent. Hetzelfde fenomeen wanneer we in de late namiddag op zoek gaan naar een eethuis. Men doet teken dat we er niet kunnen eten, of wijzen naar een ander eethuis. We krijgen de indruk dan Laotianen liever lui dan moe zijn, iets wat enigszins bevestigd wordt wanneer we ’s avonds in de reisgids volgend gezegde lezen: ‘The Vietnamese plant the rice, the Cambodians tend the rice and the Lao listen to it grow’.


Monniken op ronde.

Monniken op stap.

Gigantisch Boeddha beeld langs de weg.



donderdag 11 februari 2016

Laatste reeks foto's van Cambodja

2016-02-11 Een rondje Khong Island.

Sinds enkele dagen zit er een slag in mijn achterwiel, en nu moet ik nog eens vaststellen dat er ook nog een spaak is afgebroken. We zijn nog maar enkele kilometers aan het fietsen, of het spatbord aan mijn voorwiel breekt in twee stukken (nog een gevolg van het transport per trein in China). Met behulp van een rekker kan ik de stukken spatbord nog aan elkaar vastmaken. Laat ons hopen dat onze fietsen het volhouden, en dat we onze reis niet vroegtijdig moeten onderbreken vanwege onherstelbare technische problemen.
Wat het fietsen betreft, beperken we ons vandaag tot een rit van 43km rond Khong Island. In de namiddag bekijken we nog eens hoe we de volgende dagen gaan verder reizen door Laos. We hebben slechts een visum tot 10 maart, en we vrezen dat dit misschien niet voldoende zal zijn om die delen van Laos te bezoeken die we zouden willen doen. Mogelijk alternatief is om ons reisplan aan te passen en halverwege, in Vientiane, de grens oversteken naar Thailand, daar 15 dagen verder noordwaarts fietsen, en dan met een nieuw visum terug naar Laos om het noordelijk deel af te werken. Tot slot zouden we dan in 15 dagen tijd tot in Bangkok moeten geraken. Aan de grens van Thailand kan je gratis een visum voor 15 dagen krijgen. Dit alles is nog maar een voorlopig idee, we zullen het nog verder moeten uitpluizen en later evalueren.


Nog enkele foto's van het leven op Khong Island.


 



 

woensdag 10 februari 2016

2016-02-10 Terugblik op Cambodja.

Het is nog 64km tot de grens over stofferige, maar rustige wegen. Ideaal moment dus om eens terug te blikken op Cambodja, het land dat we weldra achter ons laten. Het was een land waar we toch wel even aan moesten wennen. De eerste twee dagen op de fiets waren eerder saai. Daarna kwamen we in de hoofdstad Phnom Penh, waar we geconfronteerd werden met de armoede op straat. En dan kwam er nog het bezoek aan Tuol Sleng museum, de stille getuige van het schrikbewind van Pol Pot, welke een zeer diepe indruk ons naliet. We hadden dan ook enkele dagen nodig om dit alles te verwerken en om onze knop om te draaien. Naar mate we verder door Cambodja fietsten, veranderde ons beeld over dit land, en konden we er ook volop van genieten. Zo kwam er de spannende boottocht van Battambang naar Siem Reap, en dan, als ‘top of the bill’, het driedaags bezoek aan de tempels van Angkor, voorlopig de meest indrukwekkende bezienswaardigheid die we op onze reis al zijn tegen gekomen. Alleen hiervoor is een reis naar Cambodja al een aanrader. In Siem Reap, waar de bezoekers aan Angkor logeren, komt de meest verwende Westerse toerist aan zijn trekken.
Maar Cambodja is ook een land van tegenstrijdigheden, waar we het toch wel even moeilijk mee hebben. Vele NGO’s en vrijwilligersorganisaties komen hier nog steeds waterpompen installeren. Toch zie ik langs de weg meer GSM-masten dan waterpompen. Ergens klopt dit plaatje niet. Vele huisjes zijn niet aangesloten op het elektriciteitsnet, en men gebruikt dan maar een accu om de smartphone of tablet op te laden! Slechts enkele gezinnen kunnen zich een auto veroorloven, maar de weinige auto’s die er dan rondrijden, zijn meestal zeer recente en dure SUV’s. Zijn deze auto’s hier dan zo goedkoop? Niet alle kinderen kunnen het zich permitteren om school te volgen, toch zie je meerdere jongeren van amper 10 à 12 jaar met een eigen bromfiets naar school gaan. Wanneer je ziet in wat voor armzalige houten hutten de mensen moeten leven, zou je medelijden krijgen. Toch zien we enkel vrolijke en ogenschijnlijk gelukkige families in de schaduw van hun stulpje samen eten of gewoon in hun hangmat liggen en ondertussen maar tateren met de rest van de familie. In België zou men dat (met een uiteraard Engelse term) ‘Quality Time’ noemen.
Zo’n 10km voor de grensovergang zien we aan de andere kant van de weg een backpacker, een Israëliër, die van Laos komt. We wisselen met hem onze laatste Riel en enkele Dollars voor Laotiaanse Kip. Ook deze keer is de grensovergang voor de zoveelste keer niet meer dan een formaliteit, we moeten langs twee loketten passeren om onze visa in orde te krijgen. Aan het eerste loket hangt een lijst met het visumtarief per land, en daarnaast een apart papier dat er nog 1$ per persoon extra moet betaald worden voor administratie. Daarna moeten we nog eens langs een tweede loket waar we nog eens 2$ per persoon moeten betalen om onze paspoorten terug te krijgen. Uiteindelijk betalen we 76$ voor onze visa, maar we geloven echt niet dat de extra gevraagde dollars deel uitmaken van de officiële procedure; maar daar gaan we nu echt niet moeilijk over doen.

Onze allereerste indruk van Laos is dat het wegdek veel beter is, de huizen er over het algemeen minder armzalig uit zien, en dat de winkeltjes langs de weg veel meer te bieden hebben. 


De stofferige weg naar de grens.

Kinderen zorgen al voor kleinere broer of zus.

Wachten op het overzetbootje.

Een primitief overzetbootje op de Mekong bracht ons naar Khong Island.



dinsdag 9 februari 2016

2016-02-09 Een hongerige dag.

We zijn al vroeg wakker maar wachten tot het daglicht  begint te worden, de muggen niet meer actief zijn, en we veilig van onder onze klamboe kunnen komen. Omdat het nog te vroeg is, fietsen we 15km met een nuchtere maag vooraleer we een kraampje langs de weg tegenkomen waar we als ontbijt een kom noedelsoep kunnen eten.
Onze voorlaatste rit in Cambodja is qua landschap niet veel soeps. Het is behoorlijk dor en op vele plaatsen is het afgebrand, of is het afgestookt? Het is ook erg dun bevolkt. We horen nog maar weinig kinderen langs de weg roepen, en zelfs de honden kijken naar ons op omdat ze minder tweewielers gewend zijn.
Langs de weg zie je voor vele huisjes kleine accu’s staan. De meeste huizen hebben geen elektriciteit, en voor de weinige stroom die ze nodig hebben gebruiken ze een accu. Iemand heeft er zijn broodwinning van gemaakt, en reist op een bromfiets met aanhangwagentje om de lege accu’s te vervangen door volle, en zo te zien is het vandaag dat hij of zij langskomt.
We hebben allebei een hongerige dag, want na de noedelsoep van vanochtend, eten we later op de dag nog eens een bord rijst met groenten, ’s namiddags een Indische curryschotel in een restaurantje, en ’s avonds nog eens twee broodjes met geroosterde balletjes en stukjes praktisch verbrande lever.
Aan onze kamer in het guesthouse hebben we een terras, en we profiteren er van om nog eens zelf onze was te doen, vooral ons ondergoed. Zo kunnen we morgen weer met allemaal propere kleren de grens over.



Kinderen spelen met eigen gemaakt speelgoed. 


Er wordt ook eten langs de weg verkocht waar wij voorlopig nog voor passen.





2016-02-08 Een kamer volledig in massief tropisch hout.

Wanneer we om 7u op de fiets vertrekken in Kratie voelt het voor de afwisseling eens behoorlijk fris aan. Er resten ons nog zo’n 200km tot de grens met Laos, met onderweg nog slechts één plaats van enige omvang waarvan we zeker zijn dat er overnachtingsmogelijkheden zijn, Stung Treng. Op Google Earth vond ik wel een foto in O Krieng met als bijschrift guesthouse. We vertrekken op hoop van zegen dat we dat daar gaan vinden. 
Na 74 km met wind op kop. Het wegdek valt best mee, op een onverharde strook van 5km na met veel keien en stof, en haast niet te fietsen. We halen dan ook voor het eerst onze mondmaskers boven, en zo komen we aan in O Krieng. Het is een klein plaatsje met hooguit wat huizen langs de grote baan. 
Aangezien het middag is, gaan we wat eten in een klein eethuisje langs de baan. In gebarentaal proberen we duidelijk te maken dat we op zoek zijn naar een plaats om te slapen. De dame wijst naar de overkant van de straat, en ja we hebben geluk. 
Het is ook een eethuisje, maar tevens voorzien van enkele kamers waar toevallige passanten kunnen slapen. Net zoals vrijwel alle huizen hier in de streek, is ook dit eethuis volledig opgetrokken in hout. We kunnen zeggen dat we logeren in een kamer volledig in massief tropisch hout. Een plafond heeft de kamer niet, want we kijken recht tegen het golfplaten dak aan. In de kamer staat enkel iets wat een bed moet voorstellen, een wankel houten verhoogje waarop een rieten mat ligt. Een badkamer is er ook niet. Om ons te wassen zouden we gewoon wat water uit een bak moeten scheppen. Het wordt dus een kattenwasje. Voor het toilet (Frans type) moeten we ergens over een overloop naar achter. Aangezien er ons nog 66km resten tot Stung Treng is onze keuze vlug gemaakt, we blijven.


We zetten onze stofmaskers op. 

Onze slaapplaats.


zondag 7 februari 2016

2016-02-07 Zonsondergang op de Mekong.

Voor ons zijn alle dagen van de week gelijk, maar vandaag nemen we de zondag eens als een dag waar hij echt voor dient, als een rustdag. We slenteren wat door de stad en over de boulevard langs de Mekong rivier. We kopen wat brood en groenten op de markt, en even verderop een kippetje aan het spit. Je kan wel degelijk spreken van een kippetje want het zijn wel degelijk kleine magere dingetjes. Het zouden haast evengoed duiven kunnen zijn, ware het niet dat je ze nog kunt herkennen aan hun lange nek en kop die mee gebraden wordt.
We proberen te skypen met de kinderen, het lukt ons nog net, tot de internetverbinding bezwijkt onder het veelvuldig gebruik door andere gasten in het hotel, veelal jonge backpackers.
Tegen de avond zetten we ons op een muurtje aan de oever van de Mekong en genieten van de zonsondergang. 













zaterdag 6 februari 2016

2016-02-06 Hello roepen en maar zwaaien.

Om 6u30 verlaten we al het hotel, en amper 25 minuten later duwen we onze fiets al van de veerboot aan de andere kant van de Mekong. Het is alsof we plots weer in een moslim land terecht komen, vrouwen met een hoofdoek en mannen in witte djellaba aan de moskee. Tijdens het traject van vandaag passeren we zeker 5 moskeeën, één katholieke kerk en van de tempels zijn we de tel kwijtgeraakt. De moskeeën zijn sobere gebouwen maar aan de tempels is het een en al glitter, terwijl de meeste mensen er rond in schamele hutten wonen.
Het wordt vandaag weer eens een schitterende tocht langsheen kleine dorpjes en steeds weer die ‘hello’ roepende en zwaaiende kinderen. Ook al hebben we al honderden keren op een dag moeten terugzwaaien, toch blijf je het doen want je wil geen enkel kind teleurstellen, vooral als je ziet hoe sommigen gewoon uit de bol kunnen gaan. Ook de volwassenen weten dat te waarderen, te zien aan hun brede glimlach.

Een sobere moskee.

Mannen in djellaba aan de moskee.

Ossenspan.



donderdag 4 februari 2016

2016-02-05 We komen terug aan de Mekong.

Al van voor zonsopgang zitten er al veel mannen in het eethuis onder het hotel, of moeten we het tv-zaal noemen. Er staan vier TV’s, en op elk speelt er een andere zender. De mannen drinken gewoon een thee terwijl ze naar TV kijken. 
De zon schijnt laag in onze ogen wanneer we om 7u het stadje uitrijden waar kinderen al op hun fiets naar school gaan en de markt al op volle toeren begint te draaien. De wind maakt het ons bij momenten wel eg lastig, en naar het einde van deze rit van 60km begint het weer een beetje heuvelachtig te worden, en dat is al zo lang geleden dat we het ons al niet meer kunnen herinneren. We komen weer aan de Mekong, de komende dagen en weken zal deze rivier nooit ver weg zijn. We gaan hem stroomopwaarts blijven volgen tot diep in Laos. 
Om 12 uur kunnen we al inchecken in een guesthouse. Na de douche gaan we op zoek naar iets eetbaars, maar bij een temperatuur van ruim 35° zitten we weer vlug op onze kamer met airco. Aangezien er op onze kamer geen koelkast staat, doen we wat iedereen hier doet, en kopen een klomp ijs om in ons multifunctioneel opvouwbaar wasbakje te plaatsen. Altijd handig voor de was en de afwas, en zeker vandaag omdat onze kamer hier geen wasbakje heeft.

Vrachtwagens worden voor personenvervoer gebruikt, 
maar je mag wel geen hoogtevrees hebben.

Je ziet hier de meest bizarre vrachtwagens.

Onze geïmproviseerde koelkast.



2016-02-04 Het Bokrijk van Cambodja.

Vannacht kwamen er vreemde geluiden uit de airconditioning, bleek dat enkele gekko’s er hun intrek in hadden genomen. Dat moet toch voor hen toch maar een koude bedoening zijn.
De rit van vandaag is vergelijkbaar met deze van gisteren. Ook vandaag hoeven we onze mondmaskers niet boven te halen. We blijven over mooi asfalt rijden, met uitzondering van het stukje in de provinciehoofdstad Kampong Thom. We komen een Engels koppeltje op een tandem tegen dat ook voor een jaar onderweg is en onze route in tegengestelde richting willen fietsen. Zij dragen beiden een stofmasker. Ze komen van Pnom Phen in het zuiden, wij draaien morgen naar het noorden. Toen we in Vietnam fietsten hadden we haast constant wind in de rug, maar sinds we in Cambodja fietsen is de wind al altijd uit de verkeerde hoek gekomen. We maken nochtans een lus, maar de tegenwind blijft steeds mee draaien. Het voordeel is wel dat dit voor enige afkoeling zorgt, en dat is meegenomen want de zon brandt weer hevig. Vanuit Phnom Penh zijn we langs de zuidkant van het Tonle Sap meer naar Siem Ream gefietst, en nu fietsen we langs de noordelijke kant. We vinden deze laatste route veel mooier en rustiger om te fietsen. Onderweg kom je van het ene typische dorpje in het andere terecht. Het zou het Bokrijk van Cambodja wel kunnen zijn.



woensdag 3 februari 2016

2016-02-03 Gevulde bamboe.

Het is al 5 dagen geleden dat we nog eens gepakt en gezakt op de fiets zaten. Aanvankelijk dachten we vandaag een etappe van 63 kilometer te rijden tot Kampong Kdei, maar de fietsomstandigheden zijn zo goed dat we er toch 98 kilometer van maken tot Stoung. We verwachten er ons wel aan dat we de komende dagen nog langs stofferige wegenwerken moeten passeren. We hebben ons dan ook enkele stofmaskers aangeschaft, maar voorlopig is daar nog niets van te merken integendeel, het wegdek is perfect. 
Het wordt een aangename rit omdat er heel wat te beleven valt. Op een gegeven ogenblik staan er langs de weg tientallen kraampjes waar er stukken bamboe geroosterd worden. Het intrigeert ons, en we stoppen aan een kraampje. Want we willen toch wel weten wat het precies is. … bamboe gevuld met een mengsel van kleverige rijst, kokosmelk en een soort kleine bruine bonen. De vrouw die het verkoopt moet ons wel even voordoen hoe we eerst de bamboe eraf  moeten pellen. Het smaakt lekker en is zeker voor herhaling vatbaar. In Siem Reap hebben we onlangs nog iets nieuws geproefd: krokodillenvlees, zij het dan in kleine hoeveelheid verwerkt onder gebakken rijst, maar ook dat smaakte prima.



maandag 1 februari 2016

2016-01-31 tot 2016-02-02 Driedaags bezoek aan het Angkor tempelcomplex.

Het Angkor tempelcomplex is zo gigantisch groot dat we er drie dagen voor nodig hebben om het te bezoeken. Met een oppervlakte van 126,6 hectare is het dan ook het grootste religieus monument ter wereld. Dé trots van Cambodja, en terecht is het UNESCO werelderfgoed. Men heeft hier wel een erg handig ticket systeem bedacht. Het ticket is in feite en persoonlijke batch mét foto waarmee je gedurende drie willekeurige dagen binnen een periode van een week het tempelcomplex kan bezoeken.
Minder handig is de Lonely Planet reisgids, de massa informatie over Angkor is niet echt overzichtelijk samengesteld. We raken er niet goed aan uit en weten aanvankelijk ook niet hoe we het moeten aanpakken om in drie dagen het beste er uit te halen, maar na enige tijd vinden we toch wel onze weg.
Op dag een fietsen we langs het ‘Grand Circuit’ waarbij je langs de buitenste tempels komt. Het tempelcomplex ligt in een prachtig natuurgebied waar het heel aangenaam fietsen is. De tweede dag fietsen we langs de twee meest bezochte tempels: ‘Angkor Wat’ en ‘Angkor Thom’. Het is er zeer druk, de meeste toeristen bezoeken in eerste instantie deze twee tempels. Toch vinden wij de tempels aan de buitenkant, die we de eerste dag bezochten, minstens even mooi. Op dag drie willen we ‘Banteay Srei’ en ‘Kbai Spean’ bezoeken maar deze liggen respectievelijk op 37km en 45km ten noorden van Siem Reap, en daarom laten we onze fietsen even aan de kant en nemen een Tuk-Tuk. Bij de tempel van ‘Banteay Srei’ zie je de mooiste sculpturen. Voor ‘Kbai Spean’ (sculpturen in een rivier) moeten we eerst zo’n 2km langs een voetpad door de jungle, op zich al een ervaring, al was het maar om onderweg eens de echte geluiden van de jungle te horen.
Aan het eind van dit driedaags tempelbezoek mogen we toch wel stellen dat dit een hoogtepunt was van heel onze reis, misschien wel het mooiste wat Zuid Oost Azië te beiden heeft.


Wie meer wil weten over de tempels van Angkor vindt heel wat informatie op internet, o.a.
hier bij wikipedia

We hebben geprobeerd om het zelf wat in beeld te brengen aan de hand van een reeks foto’s en een filmpje:

Klik hier voor een hele reeks foto’s over Angkor